‘Wij vechten voor het recht om eens niet te hoeven praten, maar om gewoon te doen’

Als mens, buurt- en gebiedsontwikkelaar is Mike Brantjes nu zeven jaar verbonden aan buurtplatform Hart voor de K-Buurt in Amsterdam Zuidoost. Het buurtplatform zorgde al (mede) voor belangrijke buurtvoorzieningen zoals een nieuwe bibliotheek, een veilige speeltuin en een energietransitiehub voor de bewoners. Ze zitten aan tafel met de gemeente met een eigen plan voor integrale gebiedsontwikkeling. Ook is Mike intensief betrokken bij de verankering van het buurtplatformrecht in de nieuwe participatieverordening van de gemeente Amsterdam. Op 13 juni deelt hij in ons eerste live-event ‘Burger Centraal’ zijn ervaringen en lessen over gezamenlijk optrekken als burger en overheid. Een voerproefje in vier thema's.

Mike 2
Beeld: ©Roderik Rotting / EMMA
Mike Brantjes: ‘We dreigden het afvoerputje van de stad te worden; nu worden we de beste buurt van Nederland.’
Wie is Mike Brantjes
Mike Brantjes zwerft sinds 2000 in de Bijlmermeer in Amsterdam en sinds 2014 in de K-Buurt. In 2017 sloot hij zich aan bij buurtplatform Hart voor de K-Buurt, nadat hij, zoals hij zelf zegt, had gezien ‘hoe de overheid inwoners vermorzelt met goede bedoelingen’. 
Mike: ‘In deze buurt komt cliëntelisme voor, onder inwoners maar ook binnen het stadsdeel. Dat betekent dat bewoners gewend zijn om te strijden om schaarse middelen – denk aan projectgelden, subsidies e.d. Om dat te doorbreken, moet je in mijn ogen collectiviseren. Niet meer elkaar onderling bevechten maar gezamenlijk ambitieuze doelen stellen en die goed onderbouwd en met collectieve actie naar voren brengen.’ 
‘Als buurtplatform leiden we een emancipatiestrijd van de inwoners. Niet iedereen in deze buurt heeft het instrumentarium om de verandering die we willen, te operationaliseren – dat is wat ik meebreng. Anderen brengen weer iets anders mee; samen maken we het beter. Ik heb bedrijven geleid, systemen gebouwd, heb verstand van marketing en strategie. Ik weet wat inspreken is, wat dan handig is om te zeggen, wie daar goed in is. Je kunt boos zijn – ik ben ook vaak boos – maar de kunst is om gedoseerd boos te zijn. En als je alleen maar vraagt, dan gebeurt er niets. Je moet af en toe hard op de deur bonken.’

Doe-democratie

‘Ambtenaren zijn praters en zitten in vergadering. Inwoners van de K-Buurt zijn praktijkmensen voor wie praten vooral uitputtend is. Wij vechten voor het recht om een keer niet te hoeven praten, maar gewoon de handen uit de mouwen te kunnen steken. Om te doen.

Wij hebben bijvoorbeeld gezorgd dat er nu een veilige, levendige speeltuin is, die wordt gerund door de oppasmoeders van Kraaiennest – het stadsdeel kreeg dat niet voor elkaar. Als er daar iets kapotgaat, sturen we liever onze eigen klusbrigade dan dat we een beroep doen op het stadsdeel – want dat gaat sneller en is effectiever. We hebben een verduurzamingshub opgezet, die wordt gesponsord door bedrijven uit de buurt. Daarmee bereikt de energietransitie bewoners die anders niet zouden worden bereikt. Als jongeren in de problemen komen, kloppen ze eerder bij ons aan dan bij de welzijnsinstanties. En zo zijn er nog veel meer voorbeelden. 

Het zijn zaken die officieel onder de verantwoordelijkheid van de overheid vallen, maar wij voeren ze uit. Dat vraagt dan ook dat je die taken overdraagt aan organisaties zoals de onze. Dat je ons daarin faciliteert als dat nodig is. Wie de handen uit de mouwen steekt, bepaalt daarmee dus dat het gebeurt. Dat is een ander besluitsysteem, gebaseerd op intrinsieke motivatie.’

‘Doe niet voor een gemeenschap wat een gemeenschap zelf kan doen’

Subsidiariteitsbeginsel

‘Mijn advies aan goedbedoelende ambtenaren is: werk volgens het subsidiariteitsbeginsel. Doe niet voor een gemeenschap wat een gemeenschap zelf kan of zelf kan leren. Want juist daar wordt de gemeenschap sterker van. Probeer het die gemeenschap zelf te laten doen. Spring in als het niet kan, faciliteer als het wel kan. Sommige ambtenaren blijven gefixeerd op de beheersende rol van de overheid. Maar er zijn er ook – steeds meer – die dit heel goed begrijpen en met wie wij goede relaties hebben en heel fijn samenwerken.’ 

Buurtplatformrecht

Buurtplatformen maken gebruik van buurtbudgetten, waarbij de gemeente middelen ter beschikking stelt die bewoners naar eigen inzicht kunnen besteden voor gemeenschappelijke doelen. Die subsidievorm stopte in 2019, werd hersteld en stopte in 2020 weer om daarna weer te worden ingesteld. Dat was voor ons als buurtplatform twee keer een bijna-doodervaring - alles wat je hebt opgebouwd, zou in een keer weg zijn.

We hebben toen gezegd: er moet een beleidsinterventie komen om te zorgen voor een structurele relatie tussen gemeente en buurtplatforms, en voor verduurzaming van wat je aan capaciteit met maatschappelijk geld hebt opgebouwd. Zo is de tocht naar buurtplatformrecht begonnen, waaronder een proeftuin ‘Buurtplatformrecht’ waar zeven platformen aan deelnamen. Inmiddels zijn we er bijna en komt het buurtplatformrecht met een apart artikel in de nieuwe participatieverordening van Amsterdam. Zo krijgen wij als bewoners meer eigenaarschap.  

Met deze codificering wordt het buurtplatformrecht in ieder geval staand beleid. We zullen nog moeten zien hoe dat in de praktijk uitwerkt. Ambtenaren die ernaar willen handelen, kunnen dan in ieder geval naar de participatieverordening wijzen. Het tussenteam van Marije Bierlaagh blijft bestaan zodat het de samenwerking tussen buurtplatformen en gemeente kan begeleiden. Dat gaat allemaal helpen.’ 

‘Met de teams van Grond en Ontwikkeling, Duurzaamheid en Democratisering hebben wij goede relaties’

Vertrouwen

‘In mijn beleving kun je op drie niveaus relaties hebben. Juridisch: heb of krijg ik gelijk? Transactioneel: krijg ik wat, krijg jij wat? En relationeel: ik ben happy als het met jou goed gaat, en vice versa. Ik merk dat we in de relatie met de overheid vaak op dat juridische niveau blijven steken, terwijl je toe wilt naar dat relationele niveau.

Tegelijkertijd: als buurtplatform zitten we veel met ambtelijke teams aan tafel. Bijvoorbeeld met het team van Grond en Ontwikkeling. Die relatie is heel goed. Zij weten dat wij hun niet pootje gaan lichten en wij hoeven niet over onze schouder te kijken. Zij steunen ons en wij steunen hen omdat we samen dat doel van die buurt bouwen voor ogen hebben. Dat geldt ook voor de relatie met het gemeentelijke team Duurzaamheid, waarmee wij die energiehub hebben kunnen bouwen. De relatie met team Democratisering is ook heel goed. Dus wij weten dat wij niet Gekke Henkie zijn.

Maar ja, er zijn ook ambtelijke teams waarvan wij weten dat ze onze gemeenschapkracht eerder als een last dan een lust zien voor hun werk. Dat is op relationeel niveau lastig (lacht).’

Mike Brantjes neemt deel aan ‘Burger Centraal’, het live event op 13 juni a.s. voor bevlogen ambtenaren die de overheid beter willen maken. 
Samen met Marije Bierlaagh (tussenteam gemeente Amsterdam), Steven Blok (participatieonderzoeker en adviseur bij Erasmus Universiteit en Berenschot) en Jornt van Zuijlen (lokale democratie-voorvechter bij BZK) deelt Mike zijn ervaringen en inzichten over het bouwen aan vertrouwen tussen overheid en burger.

Kom naar dit leerzame, informele en gezellige event op donderdag 13 juni a.s. van 17 tot 19 uur. Toegang gratis. Meer info en aanmelden kan hier.
Ambtenaren van Nu beeld
Beeld: ©Studio Wesseling