Langdurige interbestuurlijke samenwerking: lessen vanuit NP RES

Langdurig interbestuurlijk samenwerken kent vele uitdagingen. Hoe zorg je dat alle partijen betrokken blijven? Hoe blijft iedereen enthousiast? En kan je van partners verwachten dat zij hun eigen belang soms aan de kant schuiven om ruimte te maken voor het gezamenlijke doel? Programmadirecteur Kristel Lammers van het Nationaal Programma Regionale Energiestrategie (NP RES) vindt van wel. ‘Interbestuurlijk samenwerken is voor mij de bereidheid om ten volle vanuit de opgave te redeneren. Dit betekent ook een klein stukje inleveren van je eigen autonomie.’

Potretfoto van Kristel Lammers, programmadirecteur NP RES
©Ministerie van BZK
In 1 minuut:
  • Er verscheen eerder een artikel op Overheid van Nu over het NP RES, ‘De RES is net zo goed een sociale transitie’. 
  • Programmadirecteur Kristel Lammers van het Nationaal Programma Regionale Energiestrategie (NP RES) vertelt over interbestuurlijke samenwerking binnen haar organisatie. 
  • Om de doelstellingen van het Klimaatakkoord te halen, moeten alle partijen die betrokken zijn bij NP RES samenwerken. ‘We hebben een  collectieve belang.’ 
  • Eigen belangen moeten besproken worden. ‘Als een partij iets wil, hoe verhoudt zich dat tot het gemeenschappelijk doel? Dit maken we voortdurend bespreekbaar.’
  • Verkiezingen zorgen voor uitdagingen omdat de  4-jaarscyclus soms haaks staat op de lange termijn doelen. ‘De verkiezingscyclus is onderdeel van de transitie.’
  • Lammers onderstreept het belang van doorlopend evalueren en voorbereid zijn op uitdagingen. ‘Om zo in korte, cyclische stapjes naar 2030 te gaan. Er is niemand die de gehele energietransitie overziet.’ Maar door samen te werken kunnen we een heel eind komen.

Een veranderkundige aan het roer

Eerder verscheen dit artikel over langdurige interbestuurlijke samenwerking op Overheid van Nu. Prof. dr. Geert Teisman lichtte daarin zijn visie toe op interbestuurlijke samenwerking als continue golfbeweging en kwam met vier concrete inzichten. 

Deze keer duiken we in de praktijk en nemen we de interbestuurlijke samenwerking bij het Nationaal Programma Regionale Energiestrategie (NP RES) onder de loep. 

Ruim 2 jaar is Kristel Lammers nu directeur bij NP RES. Haar achtergrond in bestuurs- en veranderkunde kleurt de manier waarop zij naar complexe opgaven en samenwerking kijkt. Eerder deed Lammers al ervaring op met interbestuurlijke samenwerking bij het programma Aan de slag met de Omgevingswet. Een ervaringsdeskundige dus, als het op interbestuurlijke vraagstukken aankomt. 

Vanuit de opgave zit iedereen gelijkwaardig aan tafel, met ongelijke rollen

Een leefbare wereld

NP RES is een samenwerking tussen gemeenten, provincies, waterschappen en het rijk. Lammers: ‘Ook de netbeheerders krijgen een steeds prominentere plek aan tafel, omdat de energietransitie vraagt om aanpassingen en uitbreiden van het elektriciteitsnetwerk. Deze partijen zijn enorm belangrijk voor het realiseren van de doelen op weg naar 2030.’ 

Die doelen, die moeten volgens Lammers centraal staan. ‘Het zijn gemeenschappelijke doelen waar alle partners zich aan verbinden. We hebben een collectief belang.’ 

Vol enthousiasme vertelt Lammers over wat interbestuurlijke samenwerking betekent voor NP RES. ‘De Regionale Energiestrategie (RES) is een onderdeel van het Klimaatakkoord en niet te realiseren door één overheidspartner alleen’.

‘De kunst is om met respect voor ieders rol samen te werken op het schaalniveau van de regio, om zo het Klimaatakkoord te realiseren. Het halen van dit akkoord is van cruciaal belang om in 2050 CO2 neutraal te zijn en de wereld leefbaar achter te laten voor volgende generaties.’ 

Deze samenwerking moet volgens Lammers op alle niveaus gebeuren: ‘(Inter)nationaal, regionaal en lokaal. En van de uitvoering tot beleid en de politiek. Vanuit de opgave zit iedereen gelijkwaardig aan tafel, met ongelijke rollen.’ 

Geef eigenbelang een plek

Teisman gaf in het eerder verschenen artikel aan dat er altijd het risico is dat partijen het behalen van hun eigen beleid vooropstellen. Ook als dit ten koste gaat van het collectieve belang. 

‘Hier moeten we ons inderdaad permanent bewust van zijn’, geeft Lammers toe. ‘Er moet ruimte en aandacht zijn voor het eigenbelang. Dit moet uitgesproken en besproken worden. Want als dat niet gebeurt, dan wordt het – onuitgesproken – een onderdeel van de samenwerking.’

Kortom: steek je belang niet onder stoelen of banken. Maar maak het bespreekbaar. 

Bij NP RES is ervoor gekozen om permanent plekken te creëren om dit gesprek met elkaar te kunnen voeren, met de betrokken partijen. Niet alleen in het begin, maar doorlopend. Lammers: ‘Als een partij iets wil, hoe verhoudt zich dat tot het gemeenschappelijk doel? Hoe kunnen we daar collectief mee omgaan? Dit maken we voortdurend bespreekbaar.’ Elke regio doet dat op haar beurt ook weer op zijn eigen manier.

‘Het heeft geen zin om verlanglijstjes naar elkaar op te stellen, als jij dit doet, dan doe ik dat. Dan blijf je toch nog denken vanuit je eigen koker en vanuit je eigen belang’, vindt Lammers. ‘Zo kan het rijk bijvoorbeeld niet ‘zomaar’ 35 Terawattuur aan duurzame opwek bestellen bij de regio. Omgekeerd kan de regio niet een hele wensenlijst neerleggen in de verwachting dat het rijk dat wel even inwilligt. We hebben de verantwoordelijkheid om het samen op te pakken en ook knelpunten samen op te lossen.’ 

Het heeft geen zin om verlanglijstjes naar elkaar op te stellen

De cyclus van verkiezingen

Op een langlopend interbestuurlijk samenwerkingsverband worden steeds nieuwe uitdagingen afgevuurd. Voor NP RES zijn dat onder andere de kabinetsformatie en straks de gemeenteraadsverkiezingen. Lammers: ‘Een transitie is gebaat bij continuïteit. Veel menselijke wisselingen maken het systeem kwetsbaar.’ 

‘Het is bekend dat transities spanning opleveren met de 4-jaarscyclus van de representatieve kant van onze democratie, maar we gaan er achter komen wat dat precies betekent in de praktijk van de RES’. Deze spanning is een combinatie van een vastgestelde lange termijn koers gericht op 2030 en 2050 versus wensen die de politiek binnen de termijn van 4 jaar wil zien. Dat kan soms haaks staan op wat net is vastgesteld voor de lange termijn. ‘Maar’, vindt Lammers, ‘het erkennen van die kwetsbaarheid is al de eerste stap.’

Zo kan de kabinetsformatie leiden tot vertragingen of juist versnellingen. Dit geldt ook voor de gemeenteraadsverkiezingen. ‘Afhankelijk van de dynamiek die in de regio’s ontstaat en de politieke kleur kan dit van invloed zijn op het RES-proces’, vertelt Lammers. ‘En vergis je niet, daarna komen er weer een Provinciale Staten- en Waterschapsverkiezingen,’ zegt Lammers. ‘Deze cyclus is onderdeel van de transitie.’ 

Voorbereiden op uitdagingen

Als interbestuurlijk samenwerkingsverband kun je je deels voorbereiden op deze uitdagingen, aldus Lammers. Vanuit NP RES wordt hier veel ondersteuning op geboden aan regio’s. 

Lammers: ‘Wees je ervan bewust dat er steeds nieuwe mensen komen die bepaalde kennis niet hebben. Die kennis is wel nodig om de rol goed te kunnen invullen en daarom moet je de tijd nemen om daarin te investeren. Het inwerken van onder andere bestuurders en volksvertegenwoordigers vinden wij daarom belangrijk. Met webinars, praktijkvoorbeelden en kennisproducten bijvoorbeeld. We doen dit komend voorjaar dan ook samen met de regio’s, VNG en beroepsverenigingen. Zo zorgen wij dat iedereen zo snel mogelijk weer op vlieghoogte is.’ 

Nog een praktijkvoorbeeld van het volgen van de tips van Teisman is dat er bewust ruimte is voor nieuwe inzichten en dat NP RES doorlopend evalueren stimuleert. ‘Inmiddels is er een RES 1.0 opgesteld. Dat is het beste document dat op dat moment door de regio’s kon worden opgesteld. Maar het heet niet voor niets 1.0’, vindt Lammers.

Nieuwe inzichten en geleerde lessen maken dat de RES 2.0 er anders uit zal zien. Elke twee jaar wordt het document RES aangepast. Lammers: ‘Om zo in korte, cyclische stapjes naar 2030 te gaan. Er is niemand die de gehele energietransitie overziet. We kunnen niet een vaststaande routekaart maken, maar wel een vaststaand proces volgen met elkaar.’

Onder druk en toch blijven ontwikkelen

Dat er nog vele uitdagingen aankomen staat buiten kijf. ‘Nieuw gedrag moet je ontwikkelen en onder druk vallen we vaak terug in oude gedrag’, aldus Lammers. ‘En we staan met zijn allen onder druk met de energie- en klimaattransitie’. 

Toch is ze hoopvol: ‘Zolang wij het gesprek met elkaar blijven aangaan met het oog op de toekomst en we investeren in onderling vertrouwen is er ontzettend veel mogelijk’.

Nieuw gedrag moet je ontwikkelen en onder druk vallen we vaak terug in oude gedrag