‘Gemeenteambtenaren waren verbijsterd toen het rijk vroeg: hoe kunnen we helpen?’

Zelfstandig gebiedsontwikkelaar Annius Hoornstra maakte in de Metropoolregio Amsterdam de woondeal en regiodeal van nabij mee en zag hoe er aan beide kanten van de tafel een cultuuromslag plaatsvond. 'Dit smaakt naar meer.'

Annius Hoornstra
©EMMA
Gebiedsontwikkelaar Annius Hoornstra: 'We zijn soms nog onwennig, maar de trend is onmiskenbaar positief.'

In 1 minuut:

  • Annius Hoornstra is zelfstandig gebiedsontwikkelaar en werkt momenteel onder meer voor Den Haag Zuidwest en Lelystad. Hiervoor was hij gebiedsontwikkelaar in Zaanstad en Amsterdam. 
  • Vanuit die ervaring observeert hij dat de woondeals en regiodeals zorgen dat gemeenten en rijk steeds meer echt als medeoverheden met elkaar aan tafel zitten.
  • Er komt een verandering in bestuurscultuur op gang – gemeenten worden zelfbewuster, het rijk stelt zich meer uitnodigend op – die naar meer smaakt.
  • Secretarissen-generaal en directeuren-generaal zoeken naar doorbraken om hun ministeries onderling beter te laten samenwerken.
  • Annius Hoornstra doet mee aan de talkshow 'Overheid van nu presenteert: 3,5 jaar IBP'.

Toen hij in 2017 als gebiedsontwikkelaar overstapte van het grote Amsterdam naar het middelgrote Zaanstad, verwachtte Annius Hoornstra wel een verschil in bestuurscultuur en middelen om beleid te realiseren. Dat de verschillen zo groot waren, verbaasde toch.

‘Ik verwachtte bijvoorbeeld dat er factor 10 minder geld beschikbaar zou zijn. Dat bleek factor 100 te zijn. Amsterdam heeft allerlei verdienmodellen – de stad verdient aan de haven, heeft een groot grondbedrijf, verdient 190 miljoen euro per jaar met parkeergelden.’ 

‘Ter vergelijking: Zaanstad verdient aan parkeren 300 keer zo weinig. Zaanstad is dus ook veel meer afhankelijk van het rijk om zijn beleid te kunnen bekostigen en kan – normaal gesproken – niet zelf investeren in de infrastructuur die een randvoorwaarde is voor woningbouw.’ 

Waar zit ‘m het cultuurverschil in?

‘Kijk naar gebiedsontwikkeling – Amsterdam doet dat al jaren en op een heel zelfbewuste manier. De gemeente bepaalt in hoge mate zelf wat er waar gebouwd wordt en met welke kwaliteit. In Zaanstad was gebiedsontwikkeling, toen ik er begon, geen ontwikkelde tak van sport. De cultuur was feitelijk: wachten tot er een ontwikkelaar langskomt en dan bepalen of je in diens plannen meegaat.'

'Als je het zo doet, krijg je dus vaak van die toevallige, onsamenhangende plannen en gebieden. Dat is omgedraaid. Nu maakt de gemeente zelf plannen en laat die financieren door ontwikkelaars en is in gesprek met het rijk wat daarvoor nodig is.’           

Hoe verhouden gemeenten zich tot het rijk? 

‘Ik kwam in de relatie met het rijk de nodige ingesleten patronen tegen. Gemeenten zijn in een onderlinge concurrentiestrijd bezig om middelen te krijgen van de rijksoverheid. Als je in Den Haag aanklopt, bijvoorbeeld omdat je geld nodig hebt voor de problemen in je achterstandswijken, dan probeer je eerst te zorgen dat er over die problemen wordt geschreven in de landelijke pers.'

'Vervolgens ga je op het Binnenhof – met de krant zwaaiend – om aandacht roepen in de hoop dat het ergens landt. Het is altijd maar hopen dat jouw lokale problematiek net even aansluit bij de urgentie op rijksniveau.’

‘De woondeal (zomer 2019) en regiodeal ZaanIJ (winter 2019) brengen daarin verandering in de Metropoolregio Amsterdam (MRA) - een samenwerkingsverband van 32 gemeenten, waaronder Amsterdam en Zaanstad, in de provincies Noord-Holland en Flevoland. Gemeenten en rijk laten zien dat ze ook samen kunnen optrekken om zaken voor elkaar te krijgen.’ 

‘Ik herinner me nog de grote vraagtekens bij veel gemeentelijke ambtenaren hoe in vredesnaam met een uitgestoken hand om te gaan’

Welke rol spelen die deals? 

‘Die deals zorgen voor een cultuurverandering waardoor er veel meer kan. Over de houding van de rijksoverheid kun je heel positief zijn. Ik herinner me een van de eerste keren dat we voor de regiodeal met z’n allen – 3 gemeenten, 1 provincie, tenminste 4 ministeries – bijeenkwamen op LNV. Dat begon ouderwets. We zaten tegenover een aantal rijks-directeuren met zo’n houding van: hoe gaan jullie je toezeggingen waarmaken? De gemeenten van hun kant zochten naar haakjes voor hun onderhandelingspunten - iedereen zat nog even gevangen in zijn vertrouwde handelswijze en moest nog wennen aan de nieuwe constellatie.’ 

‘Maar toen het ijs was gebroken, vroeg de rijksoverheid simpelweg: hoe kunnen we jullie helpen? Ik herinner me nog de grote vraagtekens bij veel gemeentelijke ambtenaren hoe in vredesnaam met een uitgestoken hand om te gaan.’    

Wat betekenen die deals in de praktijk van het samenwerken? 

‘Het blijken katalysatoren te zijn voor een echte integrale samenwerking tussen gelijkwaardige medeoverheden. Een voorbeeld: De wijk Poelenburg in Zaanstad is een ‘aandachtswijk’ die onder meer het probleem heeft dat woningcorporaties woningen verkopen om inkomsten te genereren.'

'Maar die woningen worden gekocht door malafide aankopers, die de woningen volstoppen met arbeidsmigranten. Gevolg is dat in de wijk de sociale problemen, criminaliteit en de ondermijning groter worden en de wijk verder afglijdt.’
   
‘Voorheen zou Zaanstad bij het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) aan de bel trekken en vragen om geld om die verkopen verder te voorkomen. En dan zou de hoop zijn dat BZK dat zou honoreren. Maar nu zijn er de woon- en regiodeals. En dat zijn de tickets om als Zaanstad dit probleem aan de orde te stellen. En dan blijkt dat tot op SG-niveau (secretaris- generaal - hoogste ambtenaar op een ministerie, red.) in overleg tussen verschillende ministeries wordt na- en meegedacht.’ 

‘Het is heel positief hoe secretarissen-generaal en directeuren-generaal streven naar doorbraken in de samenwerking tussen elkaars ministeries’

‘Ik vind het heel positief om te zien hoe secretarissen-generaal en directeuren-generaal streven naar doorbraken in de samenwerking tussen elkaars ministeries. Je ziet dat er bijvoorbeeld wordt gezocht naar ruimte in de subsidieregels om maatregelen te financieren.’ 

Voorbeeld?

‘Goed voorbeeld is het Volkshuisvestingfonds, waar je in mei dit jaar als gemeente een beroep op kon doen. Daar zit 450 miljoen euro in. Subsidies daaruit kun je gebruiken voor aankoop van woningen, renovatie, nieuwbouw, verduurzaming en verbetering van de leefbaarheid. Je kunt met dat geld in een stadsdeel als Den Haag Zuidwest of wijk als Poelenburg in Zaanstad dus een aantal problemen in samenhang oplossen, waar die voorheen vanuit verschillende bestuurlijke kokers benaderd werden.’

‘Door dwarsverbanden te leggen en vanuit je eigen expertise en kracht bij te dragen, zorg je voor een samenwerking die veel meer succes heeft dan wanneer elke overheid vanuit de eigen koker zou proberen het probleem op te lossen.’ 

‘We zitten echt nog in de fase van de onwennigheid en soms schieten overheden nog terug in hun vertrouwde groef. Maar de trend die is ingezet met het Interbestuurlijk Programma (IBP), is onmiskenbaar. En smaakt naar meer.’

Annius Hoornstra doet mee in de talkshow ‘Overheid van Nu presenteert: 3,5 jaar IBP’ op woensdagmiddag 9 juni a.s. Schrijf je in!