Hoe houden we het platteland in Nederland economisch vitaal, leefbaar en ecologisch duurzaam? In het landelijk gebied komen veel grote opgaven samen die vragen om forse en structurele veranderingen. Opgaven die gericht zijn op kwaliteit en leefbaarheid van het landschap, verduurzaming van de landbouw, waterbeheer en waterkwaliteit, gezondheid van mens en dier, gezonde ecosystemen en klimaatdoelstellingen.

Het landelijk gebied staat voor grote opgaven. Geen enkele partij kan dit afzonderlijk realiseren. Daarom hebben het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV), het Interprovinciaal Overleg (IPO), de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) en de Unie van Waterschappen (UVW) besloten om samen aan deze opgaven te gaan werken. Deze ambitie is uitgewerkt in concrete samenwerkingsafspraken.

Albert Thijssen, Provincie Gelderland: ‘Dit is mensenwerk’:

"Na een intensieve aanloopperiode zijn gebiedspartijen volop aan de slag met inrichting en uitwerking van de diverse vraagstukken in de gebieden. Dit is een tour de force waar de energie vanaf spat. Gebiedspartners, instellingen, gemeenten, waterschappen, provincies, Rijk zijn volop in gesprek om uitdagingen aan te gaan, vraagstukken op te pakken, problemen te slechten, kansen te pakken en beweging op gang te brengen."

Tegelijk zijn vijftien zogenaamde kansrijke gebieden vastgesteld. Daar wordt in lijn met deze afspraken gewerkt aan uiteenlopende opgaven. Die vragen in elke regio om een andere aanpak. We onderscheiden vier typen gebieden:

Veenweidegebieden: In deze gebieden is sprake van een combinatie van problematiek van bodemdaling, CO2-uitstoot door veenoxidatie en waterhuishouding. Het is de vraag hoe een passend verdienmodel kan worden gerealiseerd, voor de landbouw én voor behoud en ontwikkeling van (van goed water afhankelijke) natuur.

Veedichte gebieden: Op de hoge zandgronden liggen, onder andere als gevolg van hoge veedichtheid, uitdagingen op het gebied van milieucondities (bodem, water, lucht) en de kwaliteit van de leefomgeving.

Verduurzaming landbouw, gericht op bodem en water: Verduurzaming van de landbouw kan bijdragen aan beter waterbeheer, het vasthouden van meer koolstof in de bodem en daarmee aan klimaatmitigatie en -adaptatie. Natuur, landschap en burgers profiteren van deze verduurzaming.

Natuur en samenleving: Natuuropgaven worden gerealiseerd in samenhang met economische factoren, zoals recreatie, toerisme en water- en klimaatopgaven.

Edward Stigter, VNG: ‘Smaakt naar meer’:

"Deze IBP manier van werken is nieuw voor ons allemaal en smaakt naar meer. We zijn we er steeds meer van doordrongen dat er niet één partij is, die de opgaven alleen kan oppakken, maar dat samenwerken noodzakelijk en beter is."

Krachtenbundeling en ondersteuning

Door interbestuurlijk samen te werken bundelen we onze krachten op vier thema’s:

  • Leren door Doen;
  • Wet & Regelgeving;
  • Kennis & Onderzoek;
  • Financiële inzet & Dynamisch programmeren.

De behoeften uit de gebieden en de uitwisseling van kennis staan centraal. Wanneer het meerwaarde heeft voor de gebieden, zoeken we actief de samenwerking op met andere thema’s, zoals klimaat en energie en de nationale omgevingsvisie (NOVI). Ook kunnen we nieuwe vraagstukken gezamenlijk oppakken, zoals toezicht en handhaving in het buitengebied en sociale vitaliteit.

Vernieuwende en versnellende aanpak

Het realiseren van een economisch vitaal, leefbaar en ecologisch duurzaam platteland is een traject van de lange adem. Het IBP Vitaal Platteland wil een aantal stevige stappen zetten, met een gebiedsgerichte aanpak én door met alle overheden de krachten te bundelen. We werken als één overheid: in verbinding met elkaar, op basis van vertrouwen, en door elkaars capaciteiten te benutten. Een vernieuwende en versnellende aanpak, op inhoud en partnerschap.