In kleine stappen verschil willen maken: De wereld van Mohamed Acharki

Rustig, bedachtzaam. Kalm, een beetje zachtjes formulerend zelfs. Een vriendelijke oogopslag. Maar wat hij zegt, is raak. Mohamed Acharki legt in een aantal zinnen de vinger op een paar zere plekken van deze tijd. Bijvoorbeeld, wat het betekent om mensen goed te kunnen huisvesten. Over manieren waarop mensen wel en niet prettig met elkaar samenleven. En wat een slimme, sensitieve woningcorporatie daaraan kan bijdragen.

Overheid van Nu volgt verschillende professionals die veel interbestuurlijk samenwerken. Om te zien wat ze bereiken, maar ook waar ze in de praktijk tegenaan lopen. Acharki benadrukt dat je in bijzondere gevallen ook een bijzondere oplossing moet kunnen zoeken. Met slimme partnerschappen. Daar gaan we hem bij volgen.

Mohamed Acharki is bestuurder van Zayaz. Een corporatie in Den Bosch. Gepokt en gemazeld in woningcorporatieland. Zo werkte hij, voordat hij bij Zayaz in dienst trad, al ruim tien jaar in verschillende functies bij woningcorporatie Mitros. En is hij zijn carrière begonnen bij de dienst Stadsontwikkeling en het Woningbedrijf van de gemeente Utrecht.

‘Ik ben de oudste van mijn gezin. En eigenlijk ben ik opgevoed door mijn oma. Op mijn 19de ben ik naar Nederland gegaan. In eerste instantie om daar de vakantie door te kunnen brengen bij mijn ouders. Sterker nog, mijn kerndocent – ik was heel goed in wiskunde-  had me in Marokko bezworen dat ik terug zou moeten komen: ‘Want we hebben jou nodig!’ Om uiteindelijk toch in Nederland aan de slag te gaan.

Met gezond verstand

‘Er zijn voor de ander’, dat is een belangrijke drijfveer: ‘dat doe je gewoon.’ In eerste aanleg had Mohamed een carrière bij de politie voor ogen: ‘Maar in het sollicitatiegesprek zei die politiefunctionaris tegen me: ik denk dat de politie misschien niet echt bij je past. Maar ik kan wel iemand voor je bellen: die werkt bij volkshuisvesting. Dat is écht wat voor jou.’ Op die manier belandt Acharki in zijn huidige vakgebied. In 1993 gaat hij aan de slag bij het Woningbedrijf van de stad Utrecht. Een op dat moment voor hem wonderlijke wereld: ‘Mijn toenmalige directeur had ervaring opgedaan in Amerika, en die zei: ‘Wat doen jullie hier eigenlijk ingewikkeld? Om hoeveel woningen gaat het? 16.000? Mooi, dan verdelen we die over 16 mensen. Iedereen ‘doet’ 1000 woningen.’

Zo ging dat toen, wil Acharki maar zeggen. Zo leert Acharki het vak. En misschien ontwikkelde hij zo ook wel zijn kenmerkende aanpak: dicht op de mensen om wie het gaat. Met veel eigen verantwoordelijkheid. En werken met gezond verstand.

Zo rolt hij, na ervaring opgedaan te hebben bij Mitros en bij Zayaz, uiteindelijk ook in zijn bestuurdersfunctie. De ambitie om te sturen, die zat er al vroeg in. Maar Acharki had eigenlijk niet bedacht dat hij dat bij Zayaz zou doen. Een bewonersdelegatie trekt hem uiteindelijk over de streep om toch serieus te solliciteren.

Waar staat Zayaz voor?

Wat Zayaz eigenlijk kenmerkt is dat we ‘er echt voor de huurders willen zijn’. Stenen zijn natuurlijk de basis, want zonder die stenen zijn er geen woningen. Maar de mensen die erin wonen, daar gaat het natuurlijk echt om. Zonder mensen heb je natuurlijk niks aan woningen. En dus moet je In mijn optiek ‘je uiterste best doen om mensen daadwerkelijk een thuis te bieden.’

Acharki heeft de corporaties in de afgelopen jaren zien veranderen. Organisaties werden groter. Wet- en regelgeving veranderde. ‘De wil om te voldoen aan wetgeving, die zit diep in onze organisaties. Dat heeft deels te maken met de Parlementaire Enquête. Sinds 2011 zijn we wettelijk verplicht, om te bouwen en te verhuren aan mensen met een bepaald inkomen. Uiteraard zijn we daar als Zayaz ook mee aan de slag. Maar dat roept ook een auditprocedure op, waarin we alles controleren.

En dat doen we goed: ‘Een van mijn mensen zei laatst: “dat hebben we 100 procent goed gedaan.” En dat konden ze aantonen ook. Dat is enerzijds natuurlijk een compliment waard: we doen het goed, en dat kunnen we ook nog aantonen. Anderzijds vraag ik me dan af, of al die manuren, die we moeten maken om dergelijke controles uit te voeren, stiekem toch niet beter aan “volkshuisvesten” hebben kunnen besteden? Want, het gaat natuurlijk uiteindelijk om de bedoeling achter de regels. Moeten we dan werkelijk alles willen controleren en dichtregelen? Dat is wel een van de zaken, waar ik in dat interbestuurlijk samenwerken graag wat meer aandacht aan zou willen schenken.’

Zayaz zit in Den Bosch: ‘We zijn een overzichtelijke corporatie met 14.000 woningen. Met zo’n 130 mensen, zodat je ook in de organisatie nog geen nummer bent. Alles bij elkaar een mooie schaal. En waarbij we ons heel erg bewust zijn dat we in Den Bosch met partners aan de slag moeten gaan, willen we iets bereiken.’

Experimenteerruimte

In het Eindhovens Dagblad is een mooi voorbeeld van een experiment van Zayaz te lezen:  Zayaz experimenteert met nieuwe oplossingen om de woningnood, ook als er niet direct gebouwd wordt, aan te pakken. Zayaz experimenteert voorzichtig met co-housing en woningsplitsing. ‘Oplossingen zoeken in de bestaande voorraad’ heet dat in jargon. Met als doel om sneller woonruimte aan te kunnen bieden aan mensen op de wachtlijst.

Zayaz is daarvoor in gesprek met huurders die een woning wel met een ander willen delen. Bijvoorbeeld met huurders, die bereid zijn om een woonkamer en keuken te delen, als ze wel een eigen slaapkamer en badcel hebben.

Documentaire ‘Verward’ van Jos de Jager

Die documentaire, heeft veel indruk op me gemaakt. Will, die hoofdpersoon van “Verward”, dat is een portret van een intelligente man, maar ook een portret van een enorm lastige man. Voor zichzelf, voor zijn omgeving, voor Zayaz. Want Will is een huurder van ons.’

‘En dat is voor ons dus ook enorm ingewikkeld: want uiteraard moet Will ook een dak boven zijn hoofd hebben. Een primaire levensbehoefte. En tegelijkertijd weet je, dat je daarmee de buurt óók iets aandoet. Dus moeten we maatwerk bieden, zoals dat in jargon heet. Dat lukt eigenlijk alleen, als we “verschil durven maken”. Denk eens even mee: ‘gelijke gevallen moet je gelijk behandelen’. Maar als je dat omdraait, dan betekent dat ook dat we ongelijke gevallen “ongelijk” moeten kunnen behandelen. Verschil durven en kunnen maken. Dat lukt alleen als we allemaal onze verantwoordelijkheid nemen.’

‘Tegelijkertijd besefte ik, dat ik van die kant van de zorg – de zorg, die Will nodig heeft – eigenlijk te weinig weet. Dus heb ik een collega-bestuurder van de GGz-instelling in de regio gebeld. Ik heb ‘m voorgesteld om eens van functie te ruilen: ik wil namelijk van binnenuit begrijpen hoe de zorg werkt. Ik weet namelijk ook dat we een wachtlijst in de stad hebben om crisisopvang te bieden. In mijn ogen klopt dat zelfs op het eenvoudigste niveau van de Nederlandse taal niet: een crisis, die is acuut. Dan past het begrip wachtlijst totaal niet. En toch krijgen we dat lastig op orde. Dan wil ik weten hoe we dat samen anders zouden kunnen doen.’

‘Eerlijk gezegd: we kijken de goede kant op, maar doen nog lang niet altijd de goede dingen. We zijn misschien met elkaar nog iets te voorzichtig. Als corporatie functioneer je middenin de maatschappij: we zitten – heel vaak – op plekken waar wat gedoe is, waar pijn zit. Waar eigenlijk geïnvesteerd moet worden. Als corporatie alleen kan ik dat niet allemaal oplossen. Maar als we slimme partnerschappen sluiten, dan kunnen we in ieder geval stappen in de goede richting zetten.’

In die opgave zal Overheid van Nu Mohamed Acharki de komende maanden een paar keer volgen. Om te laten zien, hoe Zayaz het verschil kan maken.