Metropoolregio Amsterdam: tussen internationale ambities en lokale weerstand

Al 50 jaar werken overheden informeel samen in wat tegenwoordig de Metropoolregio Amsterdam (MRA) heet. Sinds eind 2021 is er (weer) een nieuw convenant. Het belooft meer centrale bestuurs- en slagkracht, maar ook dat het mandaat bij de lokale overheden ligt. Hoe vind je daarin de balans? Na een periode van zelfgerichtheid, wil Amsterdam weer vol inzetten op regionale samenwerking. ‘Niet op basis van macht, maar op basis van gezamenlijke kracht.’

Beeld: ©ANP
Vastgoedbeurs Provada in de Amsterdamse RAI, 2018, foto: Kick Smeets
MRA in feiten en cijfers
•    Aantal inwoners: 2.500.000
•    Aantal woningen: 1.150.000
•    Aandeel binnenlands product: 18,4 %
•    Aantal banen: 1.500.000
(bron: Amsterdam Economic Board) 

•    De MRA bestaat uit 30 gemeenten, twee provincies en de Vervoerregio Amsterdam, die op basis van vrijwilligheid met elkaar samenwerken. 

•    Burgemeester Femke Halsema van Amsterdam is de voorzitter van het dagelijks bestuur. Dat bestuur wordt ondersteund door een sterk op coördinatie en uitvoering gerichte Directie. 

•    Het Bestuur legt verantwoording af aan de Algemene Vergadering van dertig burgemeesters, wethouders en gedeputeerden. Daarnaast zijn er zeven platforms voor wethouders over thema’s zoals economie, mobiliteit, bouwen en wonen en duurzaamheid. 

•    Twee keer per jaar komt een Raadtafel bijeen met afgevaardigden van gemeenteraden en Provinciale Staten. Zij adviseren het Bestuur en de Algemene Vergadering.

Het is een eeuwig dilemma. Als kleinere gemeente - zoals Aalsmeer, Blaricum of Waterland – profiteer je graag van de magnetische aantrekkingskracht van Amsterdam. Waar de rolkoffers van de toeristen weer als vanouds over de grachten stuiteren. Waar internationale bedrijven zich graag vestigen vanwege het aantrekkelijke woon- en werkklimaat. En waar allerlei creatieve en innovatieve sectoren samenkomen, die de oplossingen moeten bedenken voor de grote uitdagingen van onze tijd. 

‘Amsterdam’ is nu eenmaal een ijzersterk merk. Dat zie je terug in het outletcenter in Halfweg, dat nu ‘Amsterdam The Style Outlets’ heet. Hotels in Amstelveen afficheren zich nu als Amsterdams. Badplaats Zandvoort is voor toeristen omgedoopt tot ‘Amsterdam Beach’. 

De 29 andere gemeenten in de driehoek Beemster-Zandvoort-Lelystad zullen niet ontkennen dat de Metropoolregio Amsterdam (MRA) staat voor een ‘grootse’ bundeling van krachten. Die zorgt voor - om maar wat te noemen - economische voorspoed, ambitieuze verduurzaming, goede infrastructuur, een hoog opleidingsniveau en hoogwaardige woningbouw. 

Maar er is ook ergernis aan de hoofdstedelijke arrogantie, die om de zoveel tijd de kop opsteekt. De Amsterdamse bluf. De vanzelfsprekendheid waarmee de naamgever van de metropoolregio het ene na het andere masterplan presenteert. Dan is de uitdaging: hoe behoud je als gemeente je zelfstandigheid en eigenheid?  

Grootste mond

Als het gaat om samenwerking binnen de MRA, en om naar buiten treden als MRA, verwachten de kleine spelers bijna traditiegetrouw dat het grote en machtige Amsterdam het voortouw neemt. Immers, de hoofdstad heeft de slimste bestuurders in huis (vinden ze in ieder geval zelf), de beste connecties in Den Haag en Brussel, en de grootste mond. 

In de coronaperiode werden die krachtsverhoudingen uitvergroot toen burgemeester Halsema van Amsterdam, als voorzitter van de Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland, kon optreden namens de regio.

Maar er is dus ook een keerzijde. 

Onder het motto “Amsterdam heeft wat te repareren”, nam burgemeester Halsema zich eind 2020 voor om in het nieuwe jaar één dag per week te besteden aan de MRA

Gezamenlijk doel

Amsterdam, vertellen de burgemeesters van Aalsmeer, Haarlemmermeer en Amstelveen, kan een wispelturige partner zijn. Die de ene periode genoeg heeft aan zichzelf en de buurgemeenten niet ziet staan. Of ze alleen benadert als het een eigen probleem moet oplossen. Zoals te veel toeristen, te veel festivals of te weinig woningen. 

En die in een andere periode een bijna nederige houding aanneemt en vol inzet op samenwerking. Onder het motto “Amsterdam heeft wat te repareren”, nam Halsema zich eind 2020 voor om in het nieuwe jaar één dag per week te besteden aan de MRA – de agenda werd gevuld met werkbezoeken aan buurgemeenten. 

In het nieuwe convenant wordt, door MRA-voorzitter Halsema, bezworen dat het MRA geen nieuwe bestuurlijke schijf vormt, maar een informele bestuurslaag zonder mandaat. Want dat mandaat ligt bij de raden (gemeenten) en Staten (provincies). Het moet niet om macht gaan, maar om een gezamenlijk doel, stelde Halsema begin 2021 uitdrukkelijk.    

Op hun hoede

Dat maakt alles bij elkaar dat de kleinere spelers binnen het convenant ook op hun hoede zijn. Er is argwaan bij lokale politieke partijen, die bang zijn dat er over hun hoofden heen van alles wordt besloten. 

Zo sprak Jacqueline Solleveld Othof van Burger Belangen Amstelveen, vorig jaar over de ‘verstedelijkingsstrategie’, een masterplan voor de bouw van honderdduizenden woningen en bijbehorende infrastructuur: ‘Het is belangrijk om een vinger aan de pols te houden, zodat we in de raad niet worden overvallen door een voorstel waar we eigenlijk geen nee meer tegen kunnen zeggen.’

Vier jaar eerder richtte Solleveld het raadsledenplatform op - een netwerk dat onder meer de besluitvorming over regionale ontwikkelingen in de gaten houdt. En ook de burgemeesters van de middelgrote steden in de MRA, zoals Haarlem, Zaanstad, Almere en Hilversum, zoeken elkaar soms op om, zoals ze zeggen, gezamenlijk een tegenmacht te vormen voor het dominante Amsterdam.    

'De MRA wil zich ontwikkelen tot een Global Business Hub'

Voorlopers

De MRA kent vele voorlopers. In de jaren 70 komen de burgemeesters van gemeenten in de regio al regelmatig bij elkaar in het zogenoemde Informeel Agglomeratie Overleg Amsterdam (AO). In de jaren 80 verandert dat in het Regionaal Overleg Amsterdam (ROA), later in het Regionaal Orgaan Amsterdam. Onderwerp van gesprek is dan vooral de ruimtelijke inrichting van de regio. 

In de jaren 90 wordt er gesproken over zogeheten stadsprovincies. Maar daar is – getuige een vernietigend referendum in 1995 – geen draagvlak voor. Wel initieert de Amsterdamse burgemeester Patijn in 1997 het Noordvleugeloverleg, waarin wonen en infrastructuur de voornaamste onderwerpen zijn. 

Het Noordvleugeloverleg gaat in 2007 uiteindelijk over in de MRA, die zich onderverdeelt in drie platforms: - ruimtelijke ordening, - regionale en economische samenwerking, en - bereikbaarheid. In essentie, zou je kunnen zeggen, gaat het in de dichtbevolkte MRA en diens voorlopers altijd om het vinden van ruimte voor wonen en werk. 

Global Business Hub

In 2015 neemt de Amsterdamse burgemeester Van der Laan van Amsterdam het initiatief om de MRA te versterken. Hij nodigt de burgemeesters van de tien grootste steden in de metropool uit voor een diner in de ambtswoning. Daar wordt de basis gelegd voor het eerste MRA-convenant, dat begin 2017 wordt ondertekend.

De ambitie is groot: de MRA wil de derde economische regio in Europa worden, direct na Londen en Parijs. Nu al is de MRA de motor van economische groei en innovatie in Nederland, aldus het convenant. Het is een internationaal knooppunt van zaken doen, mensen en informatie. Een internationaal centrum voor wetenschap en cultuur en de woonplaats van ruim 2,4 miljoen mensen met meer dan 180 verschillende nationaliteiten. 

Marjolein Stamsnijder, op dat moment strateeg bij de Gemeente Amsterdam, schrijft: ‘De opgave wordt het om de positie van de MRA verder te versterken. Zodat het gebied zich kan ontwikkelen tot een van de invloedrijke regio’s die de belangrijkste economieën in de wereld met elkaar verbindt: een Global Business Hub.’

‘Er zijn zoveel tafels, maar er gebeurt zo weinig’

Zoveel tafels

In de zomer van 2019 blijkt er van de hooggestemde ambities minder terechtgekomen dan gehoopt, aldus de evaluatie ‘Meer richting en resultaat’ onder leiding van Staf Depla. ‘Er zijn zoveel tafels, maar er gebeurt zo weinig’, laat Depla optekenen bij zijn rondgang door de MRA. Ook de aankondiging van Amsterdam dat de stad het te druk heeft om alle MRA-overleggen bij te wonen, leidt bij omliggende gemeenten tot opgetrokken wenkbrouwen. 

Depla schrijft: ‘Het gaat geweldig met de regio, maar niet op elk vlak. De economische groei is niet overal hetzelfde, de woningmarkt staat onder druk en er is grote behoefte aan verbinding in de regio.’
   
Zo’n verbinder was de in 2017 overleden Eberhard van der Laan. De gemeenten spreken in de evaluatie de hoop uit dat de nieuwe burgemeester, Halsema, aangetreden in 2018, die rol weer zal oppakken als ze eenmaal is ingewerkt.   

 Rups of vlinder

Halsema op haar beurt schakelt Ben Verwaayen in, een internationaal vermaarde CEO en troubleshooter. Deze komt in 2020 niet met een rapport, maar met een powerpoint, getiteld ‘Wordt de rups een vlinder?’ Aanbevelingen: maak van de MRA een professionele organisatie met een directie die slagvaardig kan optreden en draagvlak weet te creëren. En stel drie thema’s vast, niet meer, waarop je als metropool wilt excelleren. 

Volgens Verwaayen moet dit allemaal kunnen in twee maanden. Het wordt een klein jaar. Terwijl de regio de coronacrisis uitzit – de MRA zit in 2020 met 7 procent economische krimp ruim 3 procent boven het landelijk gemiddelde en herstelt in 2021 langzamer dan de rest van het land – wordt de MRA in bestuurlijke zin van nieuw elan voorzien. 

Eind 2021 worden de nieuw samenwerkingsafspraken gepresenteerd. Er zal worden gewerkt met een Bestuur, een Algemene Vergadering, een Raadtafel en een Directie. 

‘Alleen ga je sneller, samen kom je verder’

MRA nieuwe stijl

Het Bestuur staat onder leiding van de burgemeester van Amsterdam en de twee commissarissen van de Koning van de twee MRA-provincies Noord-Holland en Flevoland. En wordt verder gevormd door zeven wethouders die elk een deelregio vertegenwoordigen. Ook zijn deze bestuursleden verbonden aan een van de drie platforms Economie, Ruimte of Mobiliteit. 

Inhoudelijk maakt dit dagelijkse bestuur de strategische en integrale afwegingen. Het Bestuur is het gezicht naar buiten en speelt een centrale rol in de nationale en Europese lobby. 

De Algemene Vergadering (AV) bestaat uit de 32 deelnemers in de MRA en controleert het Bestuur. Het stelt financiële en procesmatige kaders, en richt zich in de eerste plaats op zorgen voor draagvlak voor de MRA-samenwerking onder de deelnemers. 

Dan de Raadtafel. Deze is samengesteld uit vertegenwoordigers van de 30 (gemeente-)raden en 2 (provinciale) Staten. Deze Raadtafel geeft de Algemene Vergadering en het Bestuur gevraagd en ongevraagd advies over de processen die de raden en Staten aangaan. 

Ten slotte: de Directie, ook wel het MRA-Bureau. Een kleine, flexibele organisatie van 13 leden, verantwoordelijk voor het ondersteunen, faciliteren en verbeteren van de samenwerking in de MRA. Concreet betekent dat: coördinatie van de uitvoering van de MRA-Agenda, vergroten van de betrokkenheid van raads- en Statenleden, verbeteren van de transparantie en communicatie, en ook zorgen voor een meer integrale samenwerking.

Metropool van morgen

Onder het motto ‘alleen ga je sneller, samen kom je verder’, lijkt er sprake van nieuwe energie en worden nut, noodzaak en plezier van het samen met elkaar optrekken in vele toonaarden bezongen. 

Zo vindt op 20 juni vindt de State of the Region plaats. Geafficheerd als ‘dé netwerkdag van de Metropool Amsterdam voor beslissers en veranderaars bij bedrijven, kennisinstellingen, overheden, maatschappelijke en culturele organisaties’.

Het thema: ‘Metropool van morgen’. Moderator: Saber Benjah. Locatie: niet een theater in de hoofdstad, maar Schouwburg Gooiland in Hilversum.

Hoe het verder gaat met de MRA, lees je binnenkort op Overheid van Nu.